We worden er niet liever op

‘Kun je niet uitkijken, trut!’ Een met handschoenen beschermde vrouw snauwt me snerpend toe. Ze heeft gelijk. Op nauwelijks een meter afstand van haar positioneer ik mij voor het rode verkeerslicht. Ik doe direct twee grote stappen opzij. ‘Sorry, sommige dingen wennen maar lastig’, mompel ik verontschuldigend. Haar bitse blik blijft ongewijzigd.

Terwijl ik mijzelf voor de zoveelste keer deze week verwijtend toespreek, bedenk ik me hoe dit virus ons langzaam verandert in kleine monsters. De eerste weken gedroegen we ons anders, liever. De wereld ademde corona en we waren 24/7 doordrongen van het feit dat afstand de reddingsboei was. Op straat passeerden stadsgenoten elkaar met een mengeling van angst en medeleven in hun blik. Bang om besmet te raken, bewust van het gemeenschappelijk lijden. Op een enkeling na, hielden we allemaal rekening met anderen. We hielden onze pas in als het voetpad te smal was om het tegelijkertijd te belopen. Lukte dat even niet, dan wierpen we elkaar een bemoedigende blik toe. Iedereen begreep dat het nieuwe normaal nog lang niet zo normaal was als onze heldhaftige Rutte het graag wilde.

Lees verder We worden er niet liever op

Het nieuwe normaal

Zaterdagochtend na de Corona uitbraak. Deze nacht heeft Klaas Vaak mijn brein nog niet weten te herprogrammeren. Mijn hoofd denkt: koffie, kleren aan en op weg naar mijn even onuitgeslapen sportgenoten. Niet omdat ik zo graag in sluimerstand in de sportschool sta te springen, maar omdat ik anders in de knel kom met al het werk dat nog moeten gebeuren. Logisch toch? Tot een week geleden wel. Toen we nog leefden in het Pre-Corona tijdperk.

Lees verder Het nieuwe normaal